Uw partner overlijdt: heeft u recht op een overlevingspensioen?

2019-05-26T14:49:58+00:00 26 mei 2019|Pensioen|

Het overlijden van een partner is, los van het emotionele aspect, vaak ook een financiële opdoffer. Eén van de vragen die zich daarbij stelt is wat er met de pensioenrechten gebeurt die uw partner tijdens zijn professionele loopbaan heeft opgebouwd.

Om het overlijden van een partner op financieel vlak enigszins op te vangen heeft de wetgever in een zgn. ‘overlevingspensioen’ voorzien.

Wat is het overlevingspensioen?
Het overlevingspensioen biedt de langstlevende huwelijkspartner de mogelijkheid een pensioen te ontvangen op basis van de loopbaan van de overleden huwelijkspartner.

Aan welke voorwaarden moet u voldoen?

A) U moet minstens 47 jaar oud zijn (leeftijdsgrens voor 2019)

Tot en met 2015 had de weduwe of weduwnaar nog recht op een overlevingspensioen vanaf de leeftijd van 45 jaar. Sindsdien wordt die leeftijdsgrens geleidelijk opgetrokken. In 2019 moet een weduwe of weduwnaar 47 jaar oud zijn om recht te hebben op het overlevingspensioen. De leeftijdsgrens wordt verder opgetrokken tot 55 jaar in 2030.

B) U moet minstens één jaar gehuwd zijn

Deze voorwaarde vervalt:

  • Als u een kind hebt uit het huwelijk of als een kind geboren wordt binnen de 300 dagen na het overlijden. Deze voorwaarde vervalt eveneens als er bij het overlijden een kind ten laste was voor wie kinderbijslag ontvangen werd door één van de echtgenoten.
  • Als het overlijden een gevolg is van een ongeval na het huwelijk of als het overlijden te wijten is aan een beroepsziekte.

Als een periode van wettelijke samenwoning onmiddellijk aan het huwelijk voorafgaat, zal die ook meetellen om aan de voorwaarde te voldoen.

Wat als u niet voldoet aan de leeftijdsvoorwaarde?
Indien uw echtgeno(o)t(e) in 2019 komt te overlijden en u bent jonger dan 47 jaar, heeft u geen recht op een overlevingspensioen. U kan dan wel tijdelijk een overgangsuitkering ontvangen. Dit is hetzelfde bedrag als het overlevingspensioen, doch beperkt in tijd. De uitkering wordt gedurende 12 maanden betaald als er geen kinderlast is en gedurende 24 maanden indien er wel een kinderlast is.

Vanaf het moment dat u de pensioenleeftijd bereikt (vervroegd of gewoon), zal er dan alsnog een overlevingspension worden toegekend.

De weduwe of weduwnaar krijgt deze uitkering bovenop haar of zijn loon, zonder enige beperking of voorwaarde. Het is dus niet nodig de beroepsactiviteiten op een lager pitje te zetten. Ook de combinatie met een vervangingsinkomen voor ziekte, invaliditeit, werkloosheid,… is mogelijk.

Hoe wordt het overlevingspensioen berekend? En hoe moet het worden aangevraagd?

Mogelijkheid 1: de overleden partner was reeds gepensioneerd

In dat geval moet u geen aanvraag indienen. De pensioendienst zal zelf het initiatief nemen. Het overlevingspensioen zal u worden toegekend vanaf de maand die volgt op de maand van het overlijden.

Let op: als u op dat ogenblik zelf nog beroepsactief bent of als u niet samenwoonde met uw overleden partner (bijvoorbeeld bij feitelijke scheiding), moet u wél een aanvraag indienen.

Indien u een gezinspensioen ontving, zal het bedrag van het overlevingspensioen 80% van dat gezinspensioen bedragen.

Indien de overleden partner daarentegen een pensioen als alleenstaande ontving, dan is het bedrag van het overlevingspensioen is identiek aan het rustpensioen van de overleden echtgenoot.

Mogelijkheid 2: de overleden partner was nog beroepsactief

In deze situatie dient het overlevingspensioen aangevraagd te worden bij de gemeente of de pensioendienst. Indien u deze aanvraag indient binnen de twaalf maanden, dan wordt het overlevingspensioen met terugwerkende kracht toegekend vanaf de maand dat uw partner overleden is.

Als uw overleden echtgenoot nog niet met pensioen was, wordt een theoretisch rustpensioen berekend op basis van de beroepsloopbaan van de overledene. De berekening voor werknemers en zelfstandigen is vergelijkbaar met die van het rustpensioen voor een alleenstaande. In tegenstelling tot het klassieke rustpensioen wordt niet gerekend in 45-sten, maar wel volgens het aantal jaren van de 20ste verjaardag tot aan het overlijden.

Als de overleden partner een volledige loopbaan had, mag het bedrag van het overlevingspensioen niet kleiner zijn dan € 14.844,85 (grensbedrag voor 2019).

Kan het overlevingspensioen gecombineerd worden met anderen inkomsten?
Indien u zelf een pensioen als alleenstaande ontvangt, kan u uw eigen rustpensioen beperkt cumuleren met een overlevingspensioen. In de regel is een cumul mogelijk tot 110 % van het bedrag van het overlevingspensioen voor een volledige loopbaan. Het eigen rustpensioen wordt steeds eerst uitbetaald. Het cumulatieplafond wordt verminderd met dat rustpensioen: hetgeen dat rest, is het bedrag van het overlevingspensioen.

Wanneer u daarentegen zelf nog beroepsactief bent, mag u dat eigen inkomen uit arbeid cumuleren met een overlevingspensioen, zij het tot bepaalde maxima. De grensbedragen worden jaarlijks geïndexeerd. Wanneer uw beroepsinkomen toch hoger ligt, wordt het overlevingspensioen pro rata verminderd. Als u ouder bent dan 65 jaar of 45 loopbaanjaren hebt, mag u echter onbeperkt bijverdienen naast het overlevingspensioen dat u ontvangt.

Wanneer vervalt het recht op een overlevingspensioen?
In sommige gevallen wordt het overlevingspensioen of de overgangsuitkering geschorst of niet toegekend:

  • Bij het aangaan van een nieuw huwelijk.
  • Een misdrijf gepleegd ten aanzien van de overleden huwelijkspartner waardoor men onwaardig is om te erven

 

Lynn Boterberg
Expert fiscale en financiële planning